Fruit – Bananen

Soorten/Rassen:
  1. Bananen

Bananen

Unicode

Bananenplant

Naamgeving:

Dessertbanaan of Fruitbanaan – Musaceae (Musa sapientum)
Nederland: Bananen                Engels: Banana
Frans: Banane                          Spaans: Banana

Unicode

Bakbanaan of Kookbanaan – Musaceae ( Musa paradiciaca)
Nederlands: Bakbanaan, Kookbanaan, Meelbanaan·
Engels: Plantain                        Frans: Plantain
Duits:    Kochbanane               Spaans: Platano

P1010674-©

De bananen worden plantkundig ingedeeld bij de Musaceae familie, met twee geslachten t.w.  Musa en Ensete.
Alle eetbare bananen vallen onder het geslacht Musa. En binnen het geslacht Musa zijn weer vier secties t.w. Eumusa, Rhodochlamys, Australimusa en Callimusa.
Binnen de secties zijn weer subsecties waarvan de Musa acuminata en Musa balbisiana de belangrijkste zijn van de sectie Eumusa.
Door onderlinge kruisingen zijn er nieuwe sub species ontstaan die naast een plantkundige aanduiding. b.v  Musa sapientum ook een genoomtype aanduiding meekrijgen. De belangrijkste kruisingsouders van onze eetbare bananen zijn:Musa acuminata genoomtype AA en de Musa balbisiana genoomtype BB
Een genoom bestaat bij een diploïde plant uit een aantal van 2n chromosomen. Het genoom bevat al het erfelijke materiaal van een plant. Hoe hoger de ploidegraad des te meer chromosomen en des te groter zijn in het algemeen de vruchten De wilde planten zijn meestal diploïde, hebben weinig vruchtvlees en bevatten veel harde zaden.
Binnen de sectie Eumusa zijn er van de soort Musa acuminata
Rassen met het genoom AA (diploïde)
Rassen met het genoom AAA (triploïde)
Rassen met het genoom AAAA (tetraploïde)
Binnen de sectie Eumusa zijn er van de kruising Musa acuminata × Musa balbisiana
Rassen met het genoom AB (diploïde)
Rassen met het genoom AAB (triploïde)
Rassen met het genoom ABB (triploïde)
Rassen met het genoom AABB (tetraploïde)
Door steeds maar te zoeken naar resistentie voor bananenziekten en smaak en houdbaarheids verbeteringen in de bananen, zijn er inmiddels meer dan 600 verschillende bananen rassen/cultivars wereldwijd bekend.
Soms komen deze onder soortnaam op de markt, b.v. als Bakbanaan of Babybanaan . Maar ook is het mogelijk dat de rasnaam vermeld wordt, b.v. Gros Michel of Giant Cavendish voor de bekende dessertbananen. Voor het overgrote deel komen de bananen onder merknaam op de markt, b.v. Turbana, Chiquita en Bonita
Voor de Europese markt zijn onderstaande variëteiten van belang
Dessert banaan of Fruitbanaan ( Musa sapientum )
Bakbanaan, ( Musa paradisiaca)
Babybanaan, (Musa acuminata x musa balbisiana) ook bekend als minibanaan, rijstbanaan of Pisang susu Het belangrijkste ras is Lady Finger
Appelbanaan( Musa manzano) Het belangrijkste ras is Silk
Golden banaan ( Musa Eumusa)
Rode banaan( Musa sapientum var. rubra)

Unicode

rode bananen

Geschiedenis:De banaan stamt oorspronkelijk uit de regenwouden van Zuidoost Azië. En is via India, Perzië naar Palestina en Egypte verspreid en daarna door Arabische slaven en ivoorhandelaren richting Afrika gebracht .Begin 1400 zijn het de Portugezen die de eerste plantages aanleggen op de Canarische eilanden.
De eerste geschriften waar de banaan in beschreven wordt zijn boedistische teksten uit 600 voor het begin van onze jaartelling. De gevonden afbeeldingen van bananen zijn vele duizenden jaren ouder. In 327 v. Chr. leerde Alexander de Grote in het dal van de Indus al de smaak van de banaan kennen.
Het is 200 jaar na Chr. wanneer de eerste bananenplantages in China worden aangelegd.
We schrijven 1516 na Chr. wanneer de latere bisschop van Panama, Tomas de Berlanga, de eerste rhizomen naar Haïti brengt. Rhizomen zijn de wortelknollen waaruit de bananenplant ontspruit.
De banaan is een van onze oudste cultuurplanten, maar pas vanaf 1872 is de vrucht in Engeland ingevoerd vanuit de Azoren. Vrij snel daarna is er aanvoer naar het vaste land van Europa. De eerste bananen importeur in Europa is Edward Wathen Fyffe die al snel de merknaam Fyffes hanteert voor zijn bananen, tot op de dag van vandaag een zeer gewaardeerde merknaam in de fruithandel.
De tegenwoordige bananenrassen stammen af van wilde soorten uit Maleisië. Door natuurlijke kruisingen met andere wilde soorten, maar vooral ook door menselijke selectie, zijn de huidige soorten en rassen ontstaan. De bakbanaan en de gewone banaan zijn de twee belangrijkste soortengroepen. De Latijnse naamgeving voor de banaan is nog steeds onderwerp van discussie. Veelal worden de oude namen van Linaeus gebruikt, die eigenlijk onjuist zijn. Het gaat te ver de soortsvorming en de naamgeving van de banaan hier uit te leggen. Banan is Arabisch voor “vingers”.
Vanuit Maleisië is de banaan over heel de wereld verspreid. Vooral Latijns-Amerikaanse landen (Costa Rica, de Caraïbische eilanden en Equador) zijn grote bananenexporterende landen. In Afrika, Ghana en Azië worden bananen vooral voor eigen gebruik verbouwd. In sommige landen van Afrika is de bakbanaan het belangrijkste voedingsmiddel. Belangrijke exporterende landen in Afrika zijn Ivoorkust, Kameroen en Somalië. De Filippijnen, Indonesië en Thailand zijn bananen exporterende landen in Azië.
De bananen groeien aan een plant met een lengte die varieert van 3 tot 8 meter hoogte. De “stam” van de plant is geen stam, maar een schijnstam (s’werelds grootste kruidachtige plant). De schijnstam wordt gevormd door grote elkaar omsluitende bladeren. Het groeipunt waaruit de bladeren komen, zit onder de grond. Aan de top vormen de bladeren grote waaiers.
Eetbare bananen zijn zogenaamde parthenocarpe vruchten (vruchten die zich zonder bestuiving ontwikkelen). De bloem(en) zijn eenslachtig en alleen vrouwelijk.
De banaan, die een schijnstam heeft met schedevormige verbrede bladstelen en in 9 á 10- maanden een hoogte kan bereiken van ca. 10 meter, is het grootste kruidachtige gewas op aarde.
En 12 tot 15 weken nadat de bloemstengel uit de bladerkroon is gekomen zijn de bananen bloemen uitgebloeid en hangen de groene vruchten klaar om geoogst te worden
Afhankelijk van ras en klimaat duurt het tussen 12 en 18 maanden, van het planten van de rhizomen tot het oogsten van de vruchten.
De oude bladeren sterven regelmatig af, en van binnenuit komen nieuwe bladeren tot ontwikkeling. Na de oogst van de vruchten sterft het bovengrondse deel van de plant af, en komt een nieuwe spruit tot ontwikkeling. Ook tijdens de groei en vruchtzetting komen nieuwe spruiten tot ontwikkeling. Op de plantage worden deze verwijderd, zodat slechts één spruit opgroeit. Na 35 bladeren komt er een bloem.
De bloeiwijze van de banaan bestaat uit meerdere rijen bloemen. De bovenste rij ontwikkelt zich eerder dan de onderste rij. De bloemenrijen vormen een tros vruchten met tussen de zes en de negentien zogenaamde bananenhanden. Elke bananenhand bestaat uit wel tien tot twintig bananen (vingers). De term ‘vingers’ en ‘handen’ wordt ook bij de kwaliteitscontrole gebruikt. Een tros kan totaal wel 80 tot 150 bananen tellen en tot 40 kilo zwaar zijn (afbeelding 2).
Bananen zijn in het algemeen langwerpige ronde vruchten met een dikke schil. Bananen zijn meer of minder krom en meer of minder gekleurd. Vorm en kleur hangen af van de soort banaan en de rijpheidsgraad van de vrucht. De kromming in de banaan ontstaat doordat de vrucht zich van boven naar beneden ontwikkelt. Later richt de vrucht zich onder invloed van hormonen naar boven en naar buiten.
Dit verschijnsel heet geotropie. Dit heeft dus niets te maken met groeien naar het licht.

Voedingswaarde dessertbanaan  Per 100gram vruchtvlees
Energie        88 – 116 Kcal ca. 402 KJ
Water          74 gr
Koolhydraten   20 tot 25 gram
Eiwit            1,2 gr
Vet                  0,2 gr
Kalium        382,0 mg
Calcium       3.2 tot 13.8 mg
Magnesium      36,0 mg
Fosfor              27,0 mg
Vitaminen:
A                0,038 mg
E                 0,5 mg
B1               0,05 mg
B2               0,06 mg
B3               0.07 mg
C                11,0 mg

Bron, Chiquita Nederland
Rijpe bananen zijn kwetsbaar tijdens transport en minder lang houdbaar. Daarnaast worden bananen, die aan de plant zijn gerijpt melig. Daarom worden bananen altijd onrijp geoogst. Afhankelijk van de bestemming worden bananen eerder of later geoogst. Hoe langer een banaan onderweg zal zijn naar zijn bestemming, hoe vroeger zij geoogst moet worden. Voor de exportmarkt vanuit Azië worden de bananen ongeveer tien tot veertien weken na het verschijnen van de bloemen geoogst. Een teler zal proberen zijn bananen zo lang mogelijk te laten hangen, omdat het gewicht in de laatste fase van de rijping nog veel toeneemt. Wel neemt de kans op gescheurde schillen dan toe (i.v.m. doorrijpen). De rijpheid aan de plant is te zien aan de hoekigheid van de vrucht. Hoe ronder een vrucht in dwarsdoorsnede, hoe rijper een vrucht is. Volrijpe vruchten zijn vrijwel rond. Opbrengsten zijn erg variabel, afhankelijk van ras en groeiomstandigheden.
Bananen groeien in een tros van wel 50 kg aan een bananenplant. Alle bananen in een dergelijke tros zijn tegelijk rijp, en ze zijn rijp niet lang houdbaar. Daarom worden de bananen voor export naar andere landen onrijp geoogst en verpakt in dozen met een gewicht van ongeveer 18 kilo. Binnen 48 uur na het oogsten worden de bananen in gekoelde schepen  ( reefers) geladen en onder andere in 2-4 weken naar Europa gebracht.
Tijdens het rijpingsproces scheidt de banaan natuurlijk ethyleen ( etheen) af. Om het rijpingsproces te versnellen, worden bananen in rijperijen enige tijd blootgesteld aan extern ethyleen en warmte waardoor het rijpingsproces van de banaan zelf gestart dan wel versneld wordt.
Tijdens de rijping wordt zetmeel omgezet in suiker. In onrijpe bananen zit 20 keer zoveel zetmeel als suiker en aan het eind van de rijping is dat omgekeerd waardoor de banaan een zoete smaak krijgt.
De bloem (musa) die onder aan de tros zit, is ook eetbaar en heeft en ietwat wrange en licht zoete smaak.

Unicode

Rassen
De dessert of gewone banaan ,   Genoomtype AAA verse consumptie
De dessert banaan is de belangrijkste en meest verhandelde banaan. De banaan is 15 -30 cm lang en gebogen. De gladde schil is groen in onrijpe toestand. Naarmate de vrucht rijpt, wordt de schil geel en het vruchtvlees zachter. Overrijpe vruchten vertonen bruine vlekjes. Het vruchtvlees is zacht, witachtig van kleur en smaakt zoetig. De gewone banaan wordt voornamelijk vers gegeten. Verder is de gewone banaan zeer geschikt om te verwerken in salades, bakwaren, diverse warme gerechten en versiering op ijs en ander toetjes. Bananen zijn zeer voedzaam en rijk aan mineralen. Van alle vruchten hebben bananen het hoogste gehalte aan kalium. Vooral voor kleine kinderen zijn bananen licht te verteren en dus zeer geschikt als voeding. Vroeger werden er meerdere rassen gewone banaan verbouwd, maar tegenwoordig is vooral het ras “Giant Cavendish” (een kruising van Musa acuminata en Musa balbisiana, dit zijn 2 wilde, oneetbare soorten) van belang. .” Gros Michel “was lange tijd de bekendste banaan, maar door zijn vatbaarheid voor de Panama ziekte vervangen door de “Giant Cavendish” .Vooral de kloon Valery( Robusta) is goed bestand tegen de harde tropische winden.
Dit ras is tevens  resistent  tegen de Panama ziekte (Fusarium) en daarom zeer aantrekkelijk. In de tropen is een grote variëteit aan rassen te vinden, die voor de locale markten worden verbouwd
Andere bekende rassen uit deze groep zijn: Dwarf Cavendish( Dwergbanaan) Poyo, Lacatan, Cavendish Boyo en Dacca

De bakbanaan of meelbanaan           Genoomtype AA en  AAB Plantain groep
Ook bekent als: Pisang tandoek, Bacove, Platano, Zapolote en Matoke
Bakbananen zijn in Nederland nog niet bij iedereen bekend. In vele landen van de wereld worden ze echter als hoofdvoedingsmiddel gebruikt, zoals bij ons de aardappel. Met de komst van mensen uit andere culturen is de belangstelling voor de bakbanaan toegenomen. Binnen de Surinaamse en Afrikaanse gemeenschap is er een grote vraag naar bakbananen, die ondertussen niet alleen meer op markten maar ook bij steeds meer supermarkten te verkrijgen zijn.
De bakbanaan lijkt veel op de gewone banaan maar is groter en meer hoekig dan de gewone banaan. Bakbananen zijn bovendien minder krom dan de gewone banaan. Ze kunnen wel 30 -40 cm lang worden. De banaan bevat meer zetmeel (10-15%) en smaakt daardoor meliger dan de gewone banaan. Bakbananen kun je niet rauw eten. Ze worden onrijp uit de schil gehaald en kunnen tot puree worden gekookt, als aardappels worden gebakken of gefrituurd. Rauwe bakbananen smaken ook een beetje als aardappels, maar dan meliger en zoeter. Gefrituurde bakbananen in beslag worden ook als nagerecht gegeten.

De rode banaan                                       Genoomtype AAA verse consumptie
Ook bekent  als: Red Dacca, Morado, Pisang raja udang, Cuba banaan,Lal Kela.,Pink Banana en Rosa Banane.
De rode banaan is van weinig belang in Nederland. De import komt o.a. uit Indonesië, Thailand, Ivoorkust, Kenia en Mali. Op kleine schaal komt de vrucht ons land binnen. De rode banaan heeft een lengte van ongeveer 12 cm. De vrucht heeft een roodgroene tot rode schil. Het vruchtvlees is crème tot lichtroze van kleur. De smaak lijkt sterk op die van de gewone banaan. De rode banaan wordt als bakbanaan gebruikt maar kan ook rauw gegeten worden. Na het planten kan er na 18 maanden geoogst worden. De rode banaan heeft een hoge resistentie tegen ziekten. Een bekende mutant is de “Green Red”

De appelbanaan                                        Genoomtype AAB verse consumptie
Ook bekend als: Apple banana – Figue pomme – Apfelbanane – Silk – Silk fig – Manzana –     Baby banaan – Dwerg banaan
De appelbanaan is een genetische afwijking van een ras van de gewone banaan. De vrucht is slechts 8 -10 cm lang. De schil is dun. De banaan kan in korte tijd van groen naar goudgeel verkleuren. Ze smaakt enigszins zuur. De smaak lijkt wel wat op die van appel, vandaar de naam. Appelbananen vormen slechts een klein deel van de bananenimport. Ze wordt als rauwkost, in toetjes of ter garnering van vleesschalen en dergelijke gebruikt. Import uit Israël, Kenia en Brazilië

De babybanaan of rijstbanaan               Genoomtype AAB verse consumptie
Ook bekent als: Bananenvijg, Pome Pacha Naadan, Pisang Susu en Prata
De babybanaan is een, zoals de naam al zegt, kleine vorm van de gewone banaan. Ze zijn tussen de 6-8 cm lang en geel van kleur. Babybananen zijn niet hoekig maar rond, ze hebben de vorm van een rijstkorrel. De vrucht heeft een uitgesproken zoete aangename bananensmaak. Het is een delicatessenvrucht, die speciaal voor flamberen en het bereiden van nagerechten wordt gebruikt. Herkomt uit het Andes gebied van Colombia. Export naar Nederland o.a. uit Kenia., Thailand, Mexico en Colombia

De Golden banaan                                        Genoomtype AA verse consumptie
De officiële rasnaam is sucrée. Andere synoniemen zijn: Pisang Mas, Kulai Khai, Amas Susyakadali en Honey. De Golden banaan wordt o.a. geteeld in Maleisië, Thailand, India en Australië. Deze banaan is ongeveer 12 cm lang en iets groter dan de appelbanaan maar kleiner dan de gewone dessertbanaan die ongeveer 20 cm lang is. Het is een goudgele banaan vandaar de Nederlandse naam golden banaan, die een aromatische, zoete smaak heeft. Het vruchtvlees is geelroze van kleur.